Gemeenschap van de gekruisigde en verrezen Liefde
I Het begin
Sinds 1989 is in het oude klooster van "de zusters van St. Joseph" te Maastricht het "Katholiek Evangelisatiecentrum de Kommel"
gehuisvest.
Deze zusters, toen nog 10 in getal, hebben op tweede Pinksterdag 1989 hun klooster aan de bisschop van Roermond, Mgr. Johannes Gijsen, aangeboden
"voor iets nieuws". Hierop bracht de bisschop de zusters in contact met Bartholomé van Oudheusden en Rita Aichele.
Aan hun beiden gaf de bisschop de opdracht een "Katholiek Evangelisatiecentrum" te stichten met als basis een nieuwe gemeenschap van
broeders en zusters.
In 1988 leerde Bartholomé van Oudheusden, in 1982 tot priester van het Bisdom Roermond gewijd, de
"Katholische Gemeindeerneuerung" in Duitsland kennen via het "Katholisches Evangelisationszentrum Maihingen" in het bisdom
Augsburg. Vervolgens legde hij aan zijn eigen bisschop voor om "zoiets dergelijks" in het Bisdom Roermond te beginnen met de bedoeling
om een centrum te stichten waar in het bijzonder leken terecht konden voor verdieping en vorming in het geestelijk leven. Mgr. Gijsen stelde hem
voor 1 jaar vrij om zich in Maihingen op deze nieuwe taak voor te bereiden.
Op 22 november 1988 kwam Bartholomé naar Maihingen en maakte daar kennis met Zr. Rita Aichele, afkomstig uit Beieren, sinds 1981
"Aanbidster van het Kostbaar Bloed" in Liechtenstein. Zij was voor een sabbatjaar in Maihingen om aansluitend in de zielzorg actief te
zijn. Al gauw werd voor hen beiden duidelijk dat vanuit God er een gezamenlijke opdracht lag. Zr. Rita moest daartoe haar congregatie verlaten en
op 1 september 1989 begon zij samen met Bartholomé aan de bisschoppelijke opdracht in "de Kommel".
"De Kommel", zo wordt het klooster van de zusters van St. Joseph sinds oudsher genoemd volgens de straatnaam: de Kommel, latijn:
"Cumulus", de heuvel, betekent voor ons "de berg van de Heer".
Het doel van deze nieuwe stichting was een gemeenschap op te richten, waarin mannen en vrouwen zich in het religieuze leven geheel aan God zouden
toewijden met als taak: evangelisatie en zielzorg.
III De verdere ontwikkeling en groei van onze gemeenschap
[naar boven]
In 1989 zijn wij begonnen: de twee stichters en een jonge vrouw uit Duitsland. Na ongeveer 2 jaar kwamen nieuwe roepingen. Daarop volgden 3 jaar
waarin tot 7 roepingen per jaar kwamen. Dan kwam er een tijd van loutering en verschillende mensen verlieten de gemeenschap. Deze beweging van
uiterlijke en innerlijke groei herhaalt zich sindsdien.
Na enkele jaren openden wij onze gemeenschap ook voor andere roepingen: gehuwden en alleenstaanden: in feite alle standen; ieder in zijn eigen
staat probeerde de spiritualiteit van de Gemeenschap te leven.
Maar in 2003 kwamen wij tot de overtuiging: wij zijn religieuzen en daarom behoren tot de Gemeenschap alleen nog de broeders en zusters die in
geloften leven. Leken kunnen zich in verschillende vormen aansluiten.
Sindsdien streven wij ernaar om een mannen- en een vrouwencongregatie te worden, onder een gezamenlijke leiding. Dit is vanuit het pauselijk recht
weliswaar mogelijk, doch afhankelijk van de groei van onze Gemeenschap.
Sinds september 2006 is er in onze Gemeenschap ook een contemplatieve tak van "aanbidsters van de gekruisigde en verrezen Liefde".
De "Gemeenschap van de gekruisigde en verrezen Liefde", werd in 1990 door Mgr. Johannes Gijsen, de bisschop van Roermond, als een
"Christifidelium consociato privata" met rechtspersoonlijkheid erkend en
op 8 december 1998 door Mgr. Frans Wiertz opnieuw bevestigd als een kerkelijke
instelling van de Rooms-Katholieke Kerk.
Naar kanoniek recht zijn wij een "private vereniging van christengelovigen" (canon 322 § 1 en 2 van het Wetboek van Canoniek Recht).
Sinds 1993 is Zr. Rita-Maria Herder van de Gemeenschap.
Ons leven kan worden samengevat in een zevental belangrijke aspecten.
1. De gekruisigde en verrezen Liefde
[naar boven]
Vanuit gebed en samenspraak hebben wij onze naam ontvangen:
"Gemeenschap van de gekruisigde en verrezen Liefde."
Hierin komt tot uitdrukking dat de leden van de gemeenschap op de eerste plaats willen toebehoren aan Hém, die zich in zijn lijden, kruisdood
en verrijzenis in liefde aan ons gegeven heeft. Wij zijn dus een gemeenschap die bovenal leeft vanuit het paasmysterie.
"Als de graan-korrel niet in de aarde valt en sterft, blijft hij alleen, maar als hij sterft, brengt hij veel vruchten voort" (Joh. 12,24).
Het grootste bewijs van zijn liefde voor ons en de mensheid vinden wij in zijn ontlediging aan het kruis, waarin Jezus zich helemaal overgeeft
in de handen van de Vader.
Daarom willen ook wij in elke situatie "het kruis aanvaarden" en zo "met Jezus sterven om ook met Hem te leven!" (vgl. 2Tim.2,11)
Met Maria willen wij onder het kruis staan om uit de geopende zijde van de Gekruisigde het Kostbaar Bloed te ontvangen, dat ons vergeeft, verlost,
vrijmaakt, heil en genezing schenkt.
Vanaf het kruis schenkt Jezus ook zijn Heilige Geest om zijn wil te kennen en te doen.
Zo worden wij door zijn gekruisigde en verrezen Liefde omgevormd tot nieuwe mensen tot grotere eer van God en tot heil van onszelf en tot heil en
opbouw van de Kerk.
Vanuit deze verbondenheid met de gekruisigde en verrezen Liefde zoeken wij in de kracht van het Bloed en in de kracht van de Geest, in en met Maria
naar wegen om de gekruisigde en verrezen Liefde aan de mensen bekend te maken, zodat ook zij Hem kunnen beminnen, Hem volgen en de Vader
verheerlijken, zodat het Koninkrijk van God wordt opgebouwd.
De naam van onze Gemeenschap komt tot uiting in het kruis dat wij dragen: De cirkel is het symbool voor God de Vader en tegelijk een beeld voor de
schoot van Maria, uit wie Jezus geboren werd. Het teken van Jezus wordt duidelijk in het kruis, de stromen van Bloed en water, de wondetekenen en
de doornenkroon. De duif verwijst naar de Heilige Geest.
De Vader schenkt ons zijn Zoon door Maria. De Zoon, de gekruisigde en verrezen Liefde, geeft zichzelf aan ons om ons te verlossen. Vanaf het kruis
geeft de Zoon de Geest, waardoor Hij de Kerk opbouwt, leidt, heiligt en vernieuwt.
In overgave aan de Heer willen wij ons laten verlossen door het Kostbaar Bloed dat uit de wonden van Jezus stroomt en ons door de Heilige Geest
laten toerusten voor onze apostolische dienst.
2. Wij zijn een kerkelijke gemeenschap
[naar boven]
Vanaf het kruis heeft Jezus zijn Kerk gesticht. Derhalve zijn wij allereerst vanuit onze spiritualiteit en vervolgens door de bevestiging van
onze zending door de bisschop een Gemeenschap in het hart van de katholieke Kerk.
Wij weten ons diep verbonden met de Paus, de Bisschoppen, de traditie, de concrete kerkgemeenschap in onze dagen en de rijkdom van de heiligen.
De patroonheiligen van onze Gemeenschap zijn de H. Ignatius van Loyola, vooral vanwege zijn charisma van geestelijke waarneming, de onderscheiding
van de geesten en zijn liefde voor de Kerk en de H. Maria de Mattias, stichteres van
"de Aanbidsters van het Kostbaar Bloed" vooral vanwege haar liefde voor de Gekruisigde en het Kostbaar Bloed. Bij beiden heiligen ging
het erom dat de zielen gered werden en de mensen vooruitgingen in hun geestelijk leven.
Gehoorzaamheid binnen de Kerk is voor ons een belangrijke realiteit en opdracht.
Wij zetten al onze krachten, talenten en charismatische gaven in voor de vernieuwing en de opbouw van de Kerk.
3. De verschillende roepingen en de roeping van man en vrouw
[naar boven]
De Gemeenschap wordt gevormd door religieuzen: "de Missionarissen", dat wil zeggen de apostolische religieuzen en de
"Aanbidsters van de gekruisigde en verrezen Liefde", de meer contemplatieve religieuzen.
De priesters, broeders en zusters dragen speciale, religieuze kleding. De priesters en broeders een wit habijt, bruin scapulier en gedurende de
week een bruine broek als teken van de Gekruisigde, op zondag en hoogfeesten een witte broek als teken van de verrijzenis.
De zusters dragen een wit habijt, witte sluier en gedurende de week een bruin scapulier, als teken van de verbondenheid met de gekruisigde Heer.
Op zondagen en hoogfeesten past de kleur van het scapulier zich aan de kleur van de liturgie aan: wit, groen, paars of rood. Hierin komt de
verbondenheid met de verrezen Heer tot uiting én de verbondenheid met de priesters en de Kerk.
Bij de Gemeenschap kunnen zich leken, gehuwd of ongehuwd, in verschillende vormen aansluiten: aangesloten leden en vriendenkring.
Aan het begin heeft de bisschop de leiding van onze Gemeenschap gegeven aan een man en een vrouw, om gezamenlijk deze verantwoordelijkheid te
dragen. Hierin ligt voor ons de opdracht en de genade om een gemeenschap te zijn van mannen en vrouwen. Wij vullen elkaar aan, bemoedigen,
vermanen en stimuleren elkaar om naar onze ware identiteit als man of vrouw te groeien, om ten volle vruchtbaar te worden voor de Kerk.
4. Wij zijn een eucharistische gemeenschap
[naar boven]
De aanwezigheid van de Heer in het Allerheiligst Sacrament en de persoonlijke en gemeenschappelijke aanbidding hebben in ons leven een
belangrijke plaats. Ieder heeft het recht en de plicht om dagelijks 1½ uur persoonlijke aanbiddingstijd te nemen (de aanbidsters 3 uur).
‘s Morgens en ‘s avonds bidden wij gezamenlijk de kerkelijke getijden. Alle gebedstijden zijn tenslotte gericht op de eenwording met de
gekruisigde en verrezen Liefde in de dagelijkse Eucharistieviering. Hier vieren wij het Paasmysterie.
Het vieren van de gekruisigde en verrezen Liefde komt ook tot uitdrukking in ons weekprogramma. Elke week vieren wij als het ware het Paastriduüm:
donderdagavond vieren wij de Eucharistie en houden nachtwake met Jezus op de Olijfberg. De vrijdag brengen wij door in stilte en vasten, om ons
te verenigen met Jezus, de vernederde Liefde, gedurende zijn kruisweg. Om 15.00 uur vieren wij de liturgie van het sterfuur. Wij aanbidden Jezus
aan het kruis in zijn gekruisigde Liefde. Aansluitend houden wij reflectie van de afgelopen week om de Heer te danken en om vergeving te vragen,
zo mogelijk in de biecht.
Omdat Jezus aan het kruis zijn Bloed heeft vergoten voor alle mensen, gaan wij op vrijdagavond op huisbezoek: steeds met zijn tweeën, om zijn
Bloed ook daar te laten stromen.
Op zaterdag verwachten wij met Maria in geloof de verrijzenis van Jezus. ‘s Avonds vieren wij de verrezen Liefde in een uitgebreide vespers en een
aansluitende verrijzenisviering, waarbij wij de kaarsen van de zevenarmige kandelaar ontsteken, ten teken van de zevenvoudige Liefde:
de mensgeworden Liefde, de reddende Liefde, de allesgevende Liefde, de vernederde Liefde, de gekruisigde Liefde, de verrezen Liefde en de
verheerlijkte Liefde.
De zondag, de dag van de verrezen Liefde, beginnen wij met een feestelijke Eucharistieviering en gebruiken wij het verdere verloop van de Dag des
Heren zo mogelijk als gemeenschaps- en recreatiedag.
Op maandag vieren wij de verheerlijkte Liefde: Jezus zendt ons vanuit de Vader zijn Heilige Geest.
De volgende drie dagen bereiden ons voor op het wekelijkse triduüm. Op dinsdag gedenken wij de mensgeworden Liefde, op woensdag de reddende Liefde
en op donderdag de allesgevende Liefde, die haar hoogtepunt vindt in het Laatste Avondmaal en de instelling van de Eucharistie.
5. Wij zijn een mariale gemeenschap
[naar boven]
Vanaf het kruis heeft Jezus zijn moeder aan de Kerk gegeven. In, door en met Maria willen wij dan ook groeien naar een blijvende vereniging met
Hem, onze gekruisigde en verrezen Liefde.
Maria, de sterke vrouw onder het kruis en de bruid van de Heilige Geest, leidt ons steeds naar het geopende Hart van Jezus, waaruit bloed en water
stromen tot onze verlossing en vernieuwing door de Heilige Geest.
De "Begenadigde" leert ons te leven vanuit de genade en om te bidden met het hart, om zo
"te smaken en te proeven" wat de Heer ons zegt.
Met Maria geven wij ons volledig aan de Heer, dat Hij over ons kan beschikken ten bate van de Kerk en de wereld.
Deze liefde voor Maria komt bij ons tot uiting in de dagelijkse Mariatoewijding, het rozenkransgebed, het samen met Maria smeken om de H. Geest
in het middaggebed; de boodschappen uit Medjugorje zetten wij om in ons dagelijks leven.
6. Wij zijn een charismatische gemeenschap
[naar boven]
In deze mariale ontvankelijkheid voor de heilige Geest staan wij open voor de charisma’s en gaven die de Geest ons schenkt.
Het kunnen heel eenvoudige charisma’s zijn zoals dienstbaarheid, hulpvaardigheid, woordverkondiging etc. maar ook meer
"buitengewone" charisma’s zoals talengebed, gave van profetie en kennis, gave van genezing en bevrijding, die wij vanuit onderscheiding
willen inzetten voor de opbouw en uitbreiding van de Kerk.
Deze charisma’s hebben inmiddels een natuurlijke plaats gekregen in onze liturgie en ons dagelijks leven.
7. Wij zijn een apostolische gemeenschap
[naar boven]
Ons apostolisch charisma is het om mensen van alle leeftijden te begeleiden naar de persoonlijke ervaring en de belijdenis van Jezus Christus,
de gekruisigde en verrezen Liefde, die in de kracht van zijn Bloed genezing en bevrijding schenkt en in de kracht van zijn Geest naar vernieuwing
van leven en onderscheiding leidt.
Door onze verschillende diensten willen wij ertoe bijdragen dat mensen - vanuit hun persoonlijke ontmoeting met de gekruisigde en verrezen Liefde
- ook zelf actieve medewerkers van de Waarheid worden, tot opbouw van het Koninkrijk Gods.
De inzet van ons apostolisch charisma gebeurt op verschillende wijzen, in en vanuit onze centra. Met name weten wij ons geroepen tot de volgende
werkzaamheden:
- a) Verkondiging van het Woord in catechese, spiritualiteitscursussen, retraites, bezinningsdagen, zowel voor volwassenen, als voor kinderen
en jongeren.
- b) Sacramentele vieringen, gebedsdiensten met eucharistische aanbidding en de viering van het wekelijkse triduüm.
- c) Geestelijke begeleiding, vorming van de mensen die op verschillende wijze bij de Gemeenschap zijn aangesloten, gastenapostolaat.
- d) Pastoraal huisbezoek.
- e) Opname en verzorging van oudere mensen, om voor hen een geestelijke levensavond mogelijk te maken.
Ons apostolische charisma beleven wij vanuit gehoorzaamheid en een daadwerkelijke liefde tot de paus en onze locale bisschop. Onze apostolische
activiteiten gebeuren volgens de normen van de Kerk en in overeenstemming met de richtlijnen van de locale bisschop.
Jezus zegt in het evangelie dat "de arbeider zijn loon waard is" (Lc. 10,7). Vanuit onze overgave en inzet voor de Kerk vertrouwen wij
erop dat ons voldoende middelen worden gegeven om te kunnen beantwoorden aan onze roeping. Een belangrijk teken van dit vertrouwen is het leven
‘vanuit de Voorzienigheid’: God doet ons - via mensen - financiële giften, gaven in natura en medewerking toekomen, waardoor wij in staat zijn ons
te geven voor zijn Koninkrijk.
VI Ons dagelijks gemeenschapsgebed
[naar boven]
"Vader, in uw handen leggen wij onszelf en geheel ons apostolaat van evangelisatie en zielzorg.
Verheerlijk Uzelf in ons en breng al Uw plannen tot voltooiing. Gebruik ons, ook met onze zwakheid en zondigheid.
Jezus Christus, Gij Heer van de apostelen, geef ons de volmacht in Uw Naam mensen tot bekering en geloof te roepen en hen op de juiste wijze te
begeleiden, zieken te genezen, duivels uit te drijven en doden op te wekken.
Heilige Geest, Gij Trooster en Helper, doordring ons helemaal, rust ons toe met al die gaven die wij nodig hebben om honderdvoudige vrucht voort
te brengen.
Brand met Uw vuur alle hindernissen weg en roep al onze vijanden tot inkeer. Maria, Gij onze moeder, bescherm en leid ons. H. Maria de Mattias en
H. Ignatius, bidt voor ons en strijdt voor ons. Amen."
Deze ligt in Gods hand. Wij van onze kant willen met de genade meewerken en staan open voor de ontwikkelingen in de Kerk en de wereld, om
vanuit de gekruisigde en verrezen Liefde ons antwoord te geven. Wij willen het Lam volgen waarheen het ook gaat! Wij zelf verlangen te groeien
in de navolging van de gekruisigde en verrezen Liefde.
Mogen velen de kracht van het Bloed en de kracht van de Geest van de gekruisigde en verrezen Liefde ontdekken!
Maastricht, november 2006